De draagdoek is als het ware een extra laag kleding. Sommige doeken (tricot) zijn extra warm, terwijl wol de warmte heel goed reguleert. Bij geweven doeken hangt de temperatuur ook heel erg af van het aantal lagen stof dat om je kindje heengaat, bij de ene knoop is dat 1 laag, bij de andere 2 lagen. Houd ook rekening met de gevoelstemperatuur, wanneer het erg winderig is zal het kouder aanvoelen dan de thermometer aangeeft.

 

doek Oscha, muts MiskMask
doek Oscha, muts MiskMask

Hieronder een lijstje met een indicatie:

Rond het vriespunt: jasje + sjaal + muts + handschoenen + laarsjes/kniekousen/maillot
Boven de 5 graden: jasje + sjaal + muts + handschoenen
Boven de 10 graden: dun jasje/vestje
Boven de 15 graden: normale kleding
Boven de 20 graden: luchtige kleding
Boven de 25 graden: enkel een rompertje
boven de 30 graden: niet meer in de draagdoek

 

 

 

Als het warm aanvoelt, kies dan een draagwijze waarbij er maar een laag stof over je kindje heengaat, bijvoorbeeld de kangoeroe carry of de rugzak. Als het koud aanvoelt kun je een draagmethode kiezen met meerdere lagen stof, bijvoorbeeld de FWCC, BWCC of DH. Let in alle gevallen goed op je kindje en pas zonodig de kleertjes of draagwijze aan.